18 augustus 2026
Team Tales – Cor
Veertig jaar geleden begon Cor bij de voorganger van Inteco achter de tekentafel. Inmiddels is hij projectmanager en gebruikt hij zijn jarenlange ervaring steeds meer om nieuwe collega’s te begeleiden. In vier decennia zag hij de techniek, de markt en de manier van werken ingrijpend veranderen. Wat bleef, is voor hem minstens zo belangrijk: samen uitdagingen aangaan en als team een goed resultaat neerzetten.
Toen Cor midden jaren tachtig op zoek was naar werk, ging dat nog heel anders dan nu. Een vacature op LinkedIn bestond niet; de zaterdagkrant stond vol met advertenties. Via zo’n advertentie kwam hij terecht bij Van Geel Projects, een voorganger van Inteco.
“Ik begon als aankomend tekenaar-constructeur. Je zat echt achter de tekentafel. Als er iets aangepast moest worden, werd dat met een krasmesje weggekrast. Als je daar nu aan terugdenkt, kun je je bijna niet voorstellen hoeveel er in de techniek is veranderd.”
Dat Cor uiteindelijk veertig jaar bij hetzelfde bedrijf zou blijven, was zeker niet het plan. Hij dacht in eerste instantie een paar jaar te blijven en daarna verder te kijken. Maar doordat hij binnen het bedrijf steeds nieuwe stappen kon zetten, liep het anders.
“Ik heb verschillende functies gehad, vooral binnen de projectuitvoering, maar ook een periode in de productie. Als je jezelf wilt ontwikkelen en daar ook voor openstaat, krijg je binnen Inteco de kans om stappen te maken. Zo rol je eigenlijk steeds van de ene functie in de andere en vliegen de jaren voorbij.”
Van alle veranderingen die Cor heeft meegemaakt, springt digitalisering er misschien wel het meest uit. Hij maakte nog een stukje van het telex-tijdperk mee, zag de fax komen en verdwijnen en maakte de overgang van de tekentafel naar AutoCAD en uiteindelijk Revit mee.
Ook op de bouwplaats veranderde de communicatie volledig. Waar Cor vroeger voor een project in Luxemburg ’s morgens vanuit de bouwkeet even naar kantoor belde en aan het einde van de dag nogmaals contact had, is tegenwoordig vrijwel iedereen continu bereikbaar.
“Vroeger stuurde je een tekening op en duurde het misschien twee weken voordat je antwoord had. Dat vond iedereen normaal. Nu druk je op verzenden en kun je tien minuten later al de vraag krijgen of je de tekening hebt beoordeeld. Alles gaat sneller en moet sneller.”
Toch wil Cor daar geen waardeoordeel aan hangen. Tijden veranderen en mensen veranderen mee. Dat geldt volgens hem ook voor de verschillende generaties waarmee hij heeft gewerkt.
“Toen ik begon, midden jaren tachtig, moest je blij zijn dat je überhaupt een baan had. Als er iets af moest, werkte je ’s avonds door. Dat vonden we normaal en het was ook leuk om samen zo’n uitdaging aan te gaan. Tegenwoordig bewaken mensen hun privétijd meer en is de verdeling thuis anders. Ik wil niet zeggen dat het ene beter is dan het andere. Het is gewoon anders.”
Hoewel de middelen en het tempo compleet zijn veranderd, ziet Cor ook zaken die in veertig jaar nauwelijks veranderd zijn. Vooral binnen projectmanagement blijft de kern volgens hem verrassend constant.
“Je hebt een specificatie van wat je moet uitvoeren, je hebt een budget en je hebt een tijdsplanning. Met die drie dingen moet je het doen. De perikelen op de bouw waren er tien, twintig, dertig en veertig jaar geleden ook. In de basis blijft dat hetzelfde.”
Veertig jaar projectervaring levert vanzelfsprekend een flinke verzameling verhalen op. Eén favoriet project aanwijzen vindt Cor lastig. Juist de bijzondere omstandigheden, locaties en ontmoetingen maken zijn werk voor hem interessant.
Zo werkte hij aan grote projecten die meerdere jaren duurden, maar ook aan de luchtverkeerstoren op Schiphol. Daar werd in ongeveer anderhalve week een nieuw plafond gerealiseerd, terwijl de toren overdag gewoon operationeel moest blijven.
“Iedere nacht werd er een complete steiger opgebouwd, deden wij ons werk en ’s morgens werd alles weer afgebouwd zodat het personeel weer verder kon. Als je dan ’s nachts boven in zo’n toren staat en over Schiphol kijkt, besef je wel: dit is een bijzondere plek. Hier komt bijna niemand.”
Ook internationaal kwam Cor op veel verschillende plekken. In zijn eerste jaren werkte hij regelmatig aan projecten in Engeland en vloog hij voor een dag op en neer naar Londen. Later volgden jarenlang projecten in Luxemburg en werkzaamheden in Duitsland.
“Elk land heeft weer zijn eigen cultuur en manier van werken. Je spreekt verschillende talen en komt in een andere atmosfeer. Dat heb ik altijd hartstikke leuk gevonden.”
En soms zijn het juist de kleinere projecten die blijven hangen. Zo herinnert hij zich een studeerkamer bij een voormalige juwelier, met een wand die volledig met goud was bekleed en uitzonderlijke beveiliging. “Als je een functie hebt waarin je buiten komt, zie je gewoon bijzondere dingen.”
Een bijzonder gebouw of indrukwekkende locatie is mooi meegenomen, maar voor Cor zit echte trots ergens anders. Een project is voor hem pas écht geslaagd als het hele plaatje klopt.
“Als een project supergoed loopt, betekent dat dat de voorbereiding goed is geweest en dat je goed contact hebt gehouden met de opdrachtgever. Als het intern én extern goed loopt en je houdt er als bedrijf ook nog iets aan over, dan kun je trots zijn op je werk.”
Daarbij benadrukt hij dat projectmanagement nooit een individuele prestatie is. Van tekenaars tot productie en uitvoering: iedereen moet zijn bijdrage leveren.
“Als je als team een mooi project neerzet en kunt zeggen: dat hebben we goed gedaan met z’n allen, dát maakt trots. Daar doe je het voor.”
Volgens Cor is juist die manier van werken ook een belangrijke reden dat Inteco door de jaren heen een sterke naam in de markt heeft opgebouwd. Een goed uitgevoerd project levert niet alleen een tevreden klant op, maar vormt uiteindelijk ook het bestaansrecht van het bedrijf.
Wanneer Cor Inteco na veertig jaar moet omschrijven, komen drie thema’s steeds terug: samenwerking, ontwikkeling en resultaat. Hij noemt het een fijn bedrijf om voor te werken, met een product waar veel meer achter zit dan op het eerste gezicht misschien lijkt.
“Wat ik vanaf het begin heb meegemaakt, is dat je uitdagingen samen aangaat. Daarnaast krijg je binnen Inteco de mogelijkheid om jezelf te ontwikkelen. Als je geïnteresseerd bent in een opleiding of je verder wilt verdiepen, zijn die mogelijkheden er.”
Die ontwikkelmogelijkheden heeft Cor zelf volop benut. Naast zijn verschillende functies volgde hij onder andere in de avonduren een hbo-opleiding Bouwfysica. Juist de breedte van klimaatplafonds spreekt hem aan.
“Het is een plafond en dus iets bouwkundigs, maar het is ook een wezenlijk onderdeel van de klimatisering van een gebouw. Je krijgt te maken met geluid, brandwerendheid, luchttechniek, licht en allerlei andere disciplines. Hoe beter je je daarin verdiept, hoe beter je als gesprekspartner wordt.”
Na veertig jaar verschuift de rol van Cor opnieuw. Recent veranderde hij van positie en de komende jaren wil hij zich nadrukkelijker richten op het begeleiden van nieuwe medewerkers en het overdragen van zijn kennis en ervaring.
“Na zoveel jaar moet je gek zijn wil je een situatie niet al een keer ergens hebben meegemaakt. Daardoor kun je collega’s waarschuwen: let hierop of let daarop, want als dit gebeurt, dan kan dat het gevolg zijn. Met ervaring kun je situaties beter voorbereiden en inschatten.”
Cor behoort inmiddels tot wat hij zelf de ‘oude garde’ noemt. Veel collega’s uit zijn beginjaren zijn niet meer binnen het bedrijf werkzaam. Juist daarom vindt hij het belangrijk dat opgebouwde kennis niet verloren gaat.
“Ik wil de kennis en ervaring die ik in me heb de komende jaren zoveel mogelijk overdragen op mijn collega’s. Het is mooi om die kennis binnen het bedrijf te houden.”
Ook na veertig jaar kijkt Cor niet alleen achterom. Hij is benieuwd welke nieuwe ontwikkelingen Inteco de komende jaren gaat maken. In het verleden kwam het bedrijf volgens hem regelmatig met nieuwe of verbeterde klimaatsystemen en liep Inteco daarmee voorop in de markt.
“De markt is na dertig jaar natuurlijk veel verder ontwikkeld. Daardoor worden innovatiestappen kleiner en is het lastiger om onderscheidend te blijven. Maar de vraag blijft: welke nieuwe ontwikkelingen kun je nog maken om voorop te blijven?”
Dat hoeft volgens hem niet alleen in nieuwe producten te zitten. Ook in productie en processen zijn altijd verbeteringen mogelijk. Die houding vat zijn blik op de toekomst misschien wel het beste samen: blijven kijken hoe het beter kan.
En hoe collega’s uiteindelijk op zijn eigen loopbaan moeten terugkijken? Daar maakt Cor het niet groter dan nodig.
“Als ze straks zeggen dat we altijd goed en prettig hebben samengewerkt en dat het goed is geweest voor het bedrijf, dan vind ik dat prima.”
Neem voor meer informatie of een afspraak contact met ons op.